De lijn Wolf-Ricky, Bart-Ricky, Herman-Ricky, Simon Pieter-Ricky kwam door de dekking van Cora van het Eigen Land door Barry van het Eigen Land samen met de lijn Adri-Blida-Djoeka-Cora, dat was in 1953. Persoonlijk ben ik van mening dat Ricky óf uit het eerste nest van Adri kwam óf uit het eerste nest van Herder. Dan zou Ricky nauw verwant zijn met de eerste lijn, maar alleen Wolf bracht bloedverversing en misschien ook Kees uit Waalwijk. Ook via Pietah van het Eigen Land kwam een verbinding tot stand met de lijn Adri-Herder-Blida-Djoeka-Cora door de combinatie Dorus van de Hollandse Scheper (vader Simon Pieter, moeder Pietah, vader-dochter) en Tjada (vader Tjik, moeder Trix, broer en zus, uit de combinatie Barry en Cora van het Eigen Land). Fokker van het nest met Tjada waaruit Astra, Trienke en Benno voortkwamen, was dhr. A. v.d. Berg te Bilthoven. Het nest werd geboren in december 1959.

De fokmethode
Bij de opbouw van elk ras en variëteit, waarbij men slechts beschikt over een "landslag", nog niet geheel uniforme gebruikshonden, moet de fokker een bepaald ideaal voor ogen staan. Met de opbouw van de kortharige- en de ruwharige variëteit was dat niet anders dan bij de langhaar. De kleur speelde hierbij als typisch eigen identiteit een grote rol en zelfs bij een gering aantal stamvaders - en moeders (zoals bij de langhaar) was er nog lange tijd sprake van miskleuren. Dat is heel begrijpelijk bij een landslag werkhond in een gebied dat over een grote afstand in België overging. Ook de kort - en ruwharen hebben tientallen jaren dit probleem gehad. Hoe nu enerzijds te selecteren en anderzijds het type vast te leggen? Dr. v.d. Akker heeft, mede gedwongen door het aanvankelijk zeer kleine aantal honden, heel duidelijk gekozen voor de combinaties vader-dochter en zoon-moeder. Na 15 jaar en ongeveer 5 generaties is het hem gelukt een vrijwel verervende variëteit te krijgen in de afstammelingen van Trix, Topsie en Tjik. Bij deze honden is men overgegaan op combinaties van zowel vader en dochter, moeder en zoon, broer en zus.
In de eerste 5 à 6 jaar is er maar een heel klein gedeelte van de honden gebruikt de fokkerij. Dr. v.d. Akker selecteerde heel sterk op kleur en type, maar evenzo op karakter. Hij schijnt ooit eens gezegd te hebben, dat als er uit een nest maar twee goede honden waren, zo'n nest geslaagd was. Na ongeveer 1950 wordt het aantal langharen steeds groter en volgens een brochure van de NHC van omstreeks 1955-1957 waren er toen ongeveer 30 langharen in het N.H.S.B. opgenomen, d.w.z. dat Dr. v.d. Akker hen goed genoeg achtte om te worden geregistreerd. Na samenvoeging van de beide lijnen Faust - Adri - Herder enz. en Wolf - Ricky - Barry en Pietah, waren alle langharen aan elkaar verwant.


Alle honden van nú stammen ergens af uit bovenstaande stamboom, die een overzicht geeft van 1939-1959. De jaartallen boven de kolommen zijn globaal genomen. Van Wolf, Faust en Adri van het Eigen Land, de vader van Blida, Bart, Herman en Ricky is geen afstamming bekend. Sommige honden, zoals Faust, Wolf en Ricky waren al erg oud toen er (nog) mee werd gefokt; andere honden, zoals Herder en Prins II nog erg jong.Het valt te betreuren dat men in de jaren na de oorlog niet is doorgegaan met het zoeken naar vers bloed door honden uit Brabant of van elders te halen. Is er niet meer gezocht of is er niets meer gevonden? Er waren overigens in de jaren 1939-1945 verschillende andere langharen bij Dr. v.d. Akker en mij bekend. Maar men wilde dán weer niet fokken, óf ze niet verkopen,maar ze waren er wél. In 1939 kwam er zelfs nog een langhaar teef, ingeschreven als korthaar, op een tentoonstelling in Den Bosch. Dr. v.d. Akker en ik zelf hebben beiden die hond gezien. De eigenaar was, als ik mij goed herinner, de heer Baggen uit Zuid-Limburg. Ook hij wilde niet fokken; hetzelfde was het geval met een mooie langhaar teef in Nijmegen. Dát was steeds het probleem!Het zou daarom onjuist zijn te denken, dat Dr. v.d. Akker de laatste langharen had gekocht. Naast de selectie die hij toepaste voor zijn eigen honden op karakter en type, moesten de eigenaars of bezitters ook nog eens bereid zijn om te fokken. Bovendien was het oorlog en niet gemakkelijk om een hond te hebben, laat staan om er mee te fokken. Begrijpelijk dat een echte uitbreiding zich pas kon voordoen in de jaren '50.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17

index historie